Als sportjournalist werk ik regelmatig in het weekend en ben ik veel op reis. Mijn bezigheden leveren vaak veel vragen op. Afgelopen weekend was dat bijvoorbeeld weer het geval. Ik moest zondag werken vanwege de diverse turnwedstrijden en had daarom diverse deadlines staan. Voor mij geen enkel probleem: het is immers mijn werk.

Regelmatig krijg ik over mijn weekendwerk, maar ook over diverse andere zaken, nog veel vragen. En dus dacht ik: laat ik de vijf ‘meest gestelde vragen’ eens op een rijtje zetten.

Sportjournalist

De eerste vraag is vaak de ‘waarom’ vraag. Waarom koos ik immers voor een baan in de sportjournalistiek?  Die vraag is gemakkelijk te beantwoorden.

Sport heb ik altijd leuk gevonden en een passie voor schrijven heb ik ook al enorm lang. Hoe mooi is het als je van twee passies je beroep kunt maken? Eind 2006 nam ik daarom het definitieve besluit.

De vraag die dan vaak volgt is de volgende: Sportjournalistiek, dat is toch alleen voor mannen? Welnee! Waar een wil is, is een weg. Dat schreef ik onlangs ook al eens in mijn blog voor The Smart Page. 

Sport is voor iedereen. En de sportjournalistiek ook. Tuurlijk, niet iedereen moet zomaar sportjournalistje gaan spelen, maar je begrijpt wat ik bedoel. Want waarom zouden mannen meer van sport weten dan vrouwen? Of waarom zou een man beter zijn in het interviewen van een sporter?

Werk je nu alweer in het weekend?

Een andere vraag gaat vaak over mijn werk in de weekenden (of de avonden). Regelmatig heb ik namelijk even geen tijd om iets ‘leuks’ te doen in het weekend. Ik moet immers vaak werken (maar dat vind ik juist leuk). Sportwedstrijden spelen zich in het algemeen vaak af in de weekenden (of in de avonden) en daarom heb ik niet altijd zomaar vrij in het weekend.

Ter compensatie heb ik dan doordeweeks natuurlijk wel weer een dag vrij. Ook leuk! Toch snapt niet iedereen mijn werkritme. Want ja, weekenden zijn toch juist om uit te rusten? Voor mij niet (altijd). Dat doe ik dan weer op andere dagen.

Ga je alweer op reis?

Soms doe ik dat uitrusten zelfs in een ander land. Want regelmatig ga ik op reis om verslag te doen van toernooien in het buitenland. Ik krijg dan ook regelmatig ‘commentaar’ over mijn vele reisjes. In Nederland, maar ook daarbuiten.

Sportwedstrijden vinden namelijk niet altijd om het hoekje van de deur plaats. Daarom ben ik veel onderweg. Dat wil echter niet zeggen dat ik gewoon even gezellig op reis ben en de toeristische hotspots kan bekijken.

Nee, er moet gewoon gewerkt worden. Natuurlijk probeer ik altijd wat tijd in te ruimen voor wat hotspots. Vooral als ik in een ‘nieuw’ land ben. Maar helaas is daar niet altijd tijd voor.

Natuurlijk is het geweldig dat ik door mijn werk zoveel kan reizen, maar soms is het best vervelend als mensen er vanuit gaan dat ik gewoon even lekker op vakantie ga. Ik ga namelijk gewoon voor mijn werk op reis.

Ken je de spelregels wel?

Een andere vraag die ik vaak krijg gaat over de regels van de bepaalde sporten. Want ja, die moet ik toch kennen? Natuurlijk weet ik niet van elke sport alle ins en outs, maar de hoofdlijnen ken ik wel. En dat is nog altijd het belangrijkste. Wanneer ik een andere sport moet verslaan doe ik bovendien altijd voldoende research alvorens ik ergens op af stap.

Elke sportjournalist heeft bovendien een aantal sporten waarin hij of zij zich specialiseert. Voor mij zijn dat – obviously – de gymnastische sporten. Van die sporten weet ik eigenlijk (bijna) alles. Maar er zijn genoeg andere sporten waar ik ook regelmatig over schrijf of die ik op de voet volg. En ja, daardoor ken ik de spelregels ook heus wel.

Bijkomende vraag is vaak: ‘snap je ook iets van voetbal’? Sommige mensen denken nog altijd dat vrouwen niets van voetbal weten of het simpelweg niet leuk vinden. Nou, ik wel. Helaas schrijf ik er – nog niet – over. Hoewel, onlangs maakte ik wel wat verhalen over het vrouwenvoetbal.

Heb je zelf ook gesport?

Tja, er zijn mensen die vinden dat je iets zelf moet hebben gedaan alvorens je er ook over kunt schrijven. Ik vermoed dat ik deze vraag daarom regelmatig krijg.

Het antwoord is simpel. Ja, ik heb zelf ook gesport. Ik heb geturnd en heb aan trampolinespringen gedaan. Inmiddels doe ik al geruime tijd fanatiek aan CrossFit. Dus wees maar niet ongerust: ik weet echt wel wat sporten is! Doordat ik zelf ook graag (fanatiek) sport kan ik me wellicht nog net iets beter inleven. Bij het turnen, trampolinespringen of CrossFit wellicht nog net een tandje meer, omdat ik de sport zelf ook doe of heb gedaan.